Boekhoudbegrippen uitgelegd
De belangrijkste boekhoudbegrippen in gewone taal, zodat u precies weet wat er in uw administratie gebeurt.
Debiteuren
jeen debiteur is een klant aan wie u iets verkoopt en die u daarvoor een factuur stuurt. Zolang die factuur nog niet betaald is, staat het bedrag bij u open als debiteurenpost.
Crediteuren
Een crediteur is een leverancier bij wie u iets inkoopt en die u daarvoor een factuur stuurt. Zolang u die factuur nog niet betaald heeft, staat het bedrag bij u open als crediteurenpost.
Grootboekrekening
Een grootboekrekening is een rekening waarop alle boekingen van hetzelfde soort worden verzameld, bijvoorbeeld Omzet, Inkoopkosten of Bank
Samen vormen alle grootboekrekeningen uw grootboek, de basis van uw hele administratie.
Dagboek
Een dagboek is een onderdeel van uw administratie waarin één soort transactie wordt vastgelegd, zoals het verkoopdagboek, inkoopdagboek, bankdagboek, kasdagboek of memoriaal. Zo houdt u overzicht per geldstroom.
Journaalpost
Een journaalpost is een boeking waarbij minimaal twee grootboekrekeningen tegenover elkaar worden gezet, bijvoorbeeld een debet- en een creditregel. Op deze manier blijft de boekhouding altijd in balans.
Balans
De balans is een overzicht van alle bezittingen, schulden en het eigen vermogen van uw bedrijf op een bepaald moment, meestal het einde van het boekjaar. Bezittingen en de manier waarop die gefinancierd zijn, staan altijd in evenwicht.
Winst- en verliesrekening
De winst- en verliesrekening, ook wel resultatenrekening genoemd, laat zien wat uw omzet en kosten zijn geweest over een bepaalde periode. Het verschil tussen beide is uw winst of verlies.
BTW (omzetbelasting)
BTW, oftewel omzetbelasting, is de belasting die u aan uw klanten in rekening brengt over de verkoop van goederen of diensten. Deze BTW draagt u vervolgens af aan de Belastingdienst via uw BTW-aangifte.
Voorbelasting
Voorbelasting is de BTW die u zelf betaalt over uw inkopen en zakelijke kosten. Deze mag u meestal verrekenen met de BTW die u zelf in rekening heeft gebracht, zodat u alleen het verschil afdraagt.
Boekjaar
Een boekjaar is de periode, meestal twaalf maanden, waarover u uw administratie bijhoudt en afsluit. Voor de meeste bedrijven loopt het boekjaar gelijk met het kalenderjaar. Voor verenigingen is het boekjaar vaak gebroken, van september t/m augustus.
Afschrijving
Afschrijving is het spreiden van de aanschafkosten(minus de restwaarde) van een bedrijfsmiddel, zoals een auto of laptop, over de jaren dat u het gebruikt. Zo drukken de kosten niet in één keer volledig op het resultaat van dat jaar.
Voorraad
Voorraad zijn de goederen die u heeft ingekocht of gemaakt en die u nog moet verkopen. De waarde van uw voorraad telt mee als bezitting op uw balans.
Kas
De kas is het contante geld dat u in uw bedrijf in huis heeft. Contante ontvangsten en uitgaven worden geboekt in het kasdagboek.
Bankmutatie
Een bankmutatie is een regel van uw bankafschrift: een ontvangst of een betaling. Door bankmutaties te importeren en te koppelen aan facturen of grootboekrekeningen, houdt u uw bankdagboek automatisch bij.
Openstaande post
Een openstaande post is een factuur die nog niet, of nog niet volledig, betaald is. Zowel bij debiteuren als crediteuren houdt u zo bij wat er nog open staat.
Liquiditeit
Liquiditeit is de mate waarin uw bedrijf op korte termijn aan zijn betalingsverplichtingen kan voldoen. Een gezonde liquiditeit betekent dat u genoeg geld beschikbaar heeft om rekeningen op tijd te betalen.
Margeregeling
De margeregeling is een bijzondere BTW-regeling voor de verkoop van gebruikte goederen, kunst of antiek. U betaalt dan alleen BTW over uw winstmarge, niet over de volledige verkoopprijs.
One Stop Shop (OSS)
De One Stop Shop, of OSS-regeling, maakt het mogelijk om de BTW over verkopen aan consumenten in andere EU-landen via een gezamenlijke aangifte in Nederland af te dragen, in plaats van in elk land apart.


